Jeremia 18,1-12

Jullie zijn in mijn handen als klei in de handen van een pottenbakker. Jeremia 18:6

Het liedje heeft vele malen door de auto geschald: Zoals klei in de hand van de pottenbaker van Elly en Rikkert. Het liedje irriteert me altijd een beetje. Ik denk graag over mezelf dat ik iets meer voorstel dan een willoze klomp aarde die in vorm gekneed moet worden met behulp van water en de kneedkunsten van een ander. Mijn default mode is toch om te denken dat ik een selfmade man ben en moet zijn.

Het beeld van de klei en de pottenbakker zegt iets over mij als mens en over God en over hoe God zich tot mij verhoudt. Het beeld van de klei houdt me dicht bij de grond. Letterlijk. Stof ben je en tot stof zul je weerkeren. Die woorden klinken vaak aan het graf. Ze klinken voor het eerst na de zondeval. Misschien is dat wel de reden dat die woorden mij in eerste instantie negatief in de oren klinken. Zo van: ‘beeld je maar niets in, je stelt niets voor’. Adam is geschapen door God. We denken vaak dat Adam een naam is. Dat is het ook, maar het is allereerst aanduiding van de mens: uit de grond genomen. Zo je wilt: uit de klei getrokken. Dat is inderdaad een nederige afkomst. Wat is de mens? Een handvol stof en wat mineralen… Ja, totdat God zich ermee gaat bemoeien. Hij blaast er zijn adem, zijn Geest in en dan komt er leven in de zaak. Stof wordt mens. En mens krijgt opdrachten van God. De mens is stof, maar God vindt dat stof belangrijk genoeg om ermee te willen communiceren. Dat stof krijgt de opdracht de schepping te bewerken en te bewaren. Stof wordt dienaar van God. Los van God ben ik een hoopje stof. In relatie tot God vind ik mijn bestemming en mijn waarde.

De tragiek van de zondeval is dat de mens denkt zonder God te kunnen leven. Dat wijzelf ons leven naar believen vorm kunnen geven. Onze hele cultuur is verzadigd van dat idee en zelfs het godsdienstig leven is er niet vrij van. Maar bij monde van Jeremia laat God zien hoe de verhoudingen werkelijk zijn. Er is een pottenbakker en die maakt iets en dat iets heeft een doel! Wat gemaakt wordt, heeft zin als het zich laat gebruiken voor het doel waarvoor het gemaakt is.

Wat zou het doel zijn waarvoor God jou geschapen heeft? En hoe kun je gaan leven in overeenstemming met dat doel?

Kneed mij, Here God
‘k Wil mij opnieuw aan U geven
Kneed mij, Here God
U maakt iets moois van mijn leven

(eventueel ook lezen Psalm 54 en 79 en Johannes 10,1-10)

Advertenties

Een gedachte over “Jeremia 18,1-12

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s