12 april: Matteüs 6

Verzamel voor jezelf geen schatten op aarde…verzamel schatten in de hemel…waar je schat is, daar zal ook je hart zijn. Matteüs 6:19-21

Er is geen onderwerp waar Jezus zoveel over heeft gezegd als over onze omgang met geld en spullen. Veelzeggend.

Met het woordje “schat” wordt geld en bezit bedoeld, maar het is tegelijk veel breder. Een schat maakt je in één klap onafhankelijk, je krijgt vrijheid want je hoeft niet meer te werken, je krijgt aanzien, want je bent nu een rijk mens, je krijgt zekerheid, want je bent verzekerd van een oude dag. Een schat vervult je diepste verlangens. Wat vervult jouw diepste verlangens? Dat is dan je schat. Voor bijna niemand zal alleen geld alle verlangens kunnen vervullen. Zonder wat zou jij niet kunnen leven? Sommige mensen zeggen: mijn kinderen, die zijn alles voor me. Een ander zegt: m’n goede naam, als ik die zou kwijtraken ben ik alles kwijt. Weer een ander zegt: ik moet controle hebben over de dingen die in m’n leven gebeuren, anders kan ik niet leven. En nog een ander leeft voor succes, in welke vorm dan ook. Datgene waarvoor je leeft is je schat.

Jezus zegt niet dat we dat soort verlangens niet zouden mogen hebben. Jezus zegt: let er goed op wáár je die schatten verzamelt. Je kunt schatten op aarde verzamelen en in de hemel en als je schatten op aarde verzamelt, dan kan het niet anders of je wordt teleurgesteld. Hoe komt dat?

Het probleem met schatten op aarde is dat ze niet blijvend zijn: ze zullen je een keer in de steek laten. Dat geldt niet alleen voor materiële dingen maar ook voor niet-materiële dingen. Stel dat de liefde van mijn vrouw het allerbelangrijkste in mijn leven is, toch zal die liefde mij eens teleurstellen, want er komt een moment dat of ik overlijd of mijn vrouw en dan moet ik leren leven zonder die liefde. Stel dat controle over mijn leven het allerbelangrijkste is in mijn leven en ik word ernstig ziek. Dat heb ik opeens geen enkele controle meer, maar word ik geleefd door medicijnen en doktersadviezen.

Verzamel schatten in de hemel. Wat bedoelt Jezus daarmee? In het Matteüs-evangelie wordt vaak het woord “hemel” gebruikt om God aan te duiden. Dat is hier misschien ook wel zo. Een schat op aarde is dan iets wat voor mensen geldt als een schat, terwijl een schat in de hemel iets is dat voor God als een schat geldt. Bijvoorbeeld: wil je vooral succesvol zijn in de ogen van de mensen om je heen of in de ogen van God? Stel, je grootste schat is dat je waardevol gevonden wordt. Door wie? Door mensen of door God?

Maar Jezus maakt het ook heel praktisch. Misschien wel te praktisch naar onze zin. Want Jezus vertelt zelf wat hij bedoelt met het verzamelen van schatten in de hemel in het verhaal over de rijke man. Jezus zegt tegen de rijke man: geef alles weg en je zult een schat in de hemel hebben. Schatten in de hemel verzamelen heeft dus te maken met weggeven. Mensen die schatten in de hemel verzamelen zijn vrijgevige mensen. En als je moeite hebt met het weggeven van dingen, dan is dat zeer waarschijnlijk een teken dat je nog bezig bent om schatten op aarde te verzamelen.

Hoe worden wij vrijgevige mensen? De enige manier om echt radicaal vrijgevig te worden is door keer op keer onder de indruk te komen van Gods radicale vrijgevigheid. Hoe vrijgevig God is, zie je het beste als je dicht in de buurt van Jezus blijft. Zijn liefde voor mensen die alles verprutst hadden. Zijn genezende handen op zieke lijven. Zijn troostende woorden voor verdrietige mensen. Hij gaf zichzelf voor de wereld. Volg mij, zegt Jezus tegen de rijke jongeling. En ik zal je leren hoe je vrijgevig kunt worden.

Advertenties

8 gedachten over “12 april: Matteüs 6

  1. Misschien vinden jullie het wat een vreemde reactie maar als ik over deze kekst hoor preken of ik lees hem dan moet ik denken aan een dienst in de oude kerk van Ermelo,’t zal geweest zijjn half jaren 50, ik had verkering met wat nu mijn vrouw is, en we zaten samen onder het gehoor van Ds. van Roon ,een van de plaatselike predikanten, en bovengenoemde tekst daar ging de preek over.
    op dat moment had het woordje ‘schat’ voor mij een heel andere betekenis en we keken elkaar onder de preek eens aan en we maakten opdat moment allebei natuurlijk een verkeerde ‘toepassing’, alleen vergeten doe ik het nooit meer!

  2. Dag, ik lees ook in vers 7: “Bij het bidden moeten jullie niet eindeloos voortprevelen zoals de heidenen….” , wordt hier nou gesteld dat heidenen bidden en dat langdradig doen, of bedoeld de schrijver hier schriftgeleerden (farizeeërs en Sadduceeën) mee? ik snap de betekenis van dit stukje tekst niet zo goed geloof ik.

    • Interessant punt. Hier verschillen de commentatoren ook over. Sommigen zeggen: vss 5-6 waarschuwen tegen de gebedspraktijk van de Farizeën, terwijl vss 7-8 tegen die van de heidenen waarschuwen. Maar het ‘eindeloos voortprevelen’ is niet voorbehouden aan heidenen, je komt het overal tegen. Jezus wil niet zeggen dat heidenen in hun gebeden eindeloos voortprevelen, maar Hij wil zeggen dat in je gebeden eindeloos voortprevelen heidens is.

      Jezus bedoelt met ‘eindeloos voortprevelen’ niet dat je in je gebeden niet zou mogen herhalen (Jezus gebruikt zelf herhaling, Mat.26:44) of dat je gebeden niet lang zouden mogen zijn (Jezus bidt zelf langdurig, Luc.6:12).

      Het punt is dat je niet moet denken dat eindeloos prevelen automatisch leidt tot een antwoord. Die gedachte is namelijk pure magie: “ik kan er voor zorgen dat God antwoordt!” Bid zoals je denkt dat je moet bidden, maar denk niet dat je God kunt dwingen! Een relatie gebaseerd op vertrouwen verdraagt zich niet met manipulatieve technieken. Zo iets.

      • Bedankt! Ik wil daar toch een laatste vraag over stellen. Kan het zijn dat het woord heiden in de bijbelse context niet klopt? als ik zoek op de betekenis van “heiden” dan vind je de beroemde wikipedia uitleg over de Germaanse afstamming van het woord, ik zie in het Grieks en Hebreeuws hele andere betekenissen en/of afleidingen voor dit woord (bijv volkeren, “Niet-Joden” of “Niet Grieken”) die niet tot het eigen volk behoren en aangeduid worden met heiden in de hedendaagse vertaling? Kan het zijn dat dit woord op een hele andere manier werd gebruikt in de originele teksten? Wat kan dit soms verwarrend zijn :-(

  3. Gert-Jan, ik weet niet zeker of ik je vraag goed begrijp. Maar ik doe een poging.
    Zowel in het Hebreeuws als in het Grieks wordt met het woord dat met heiden vertaald wordt in meest algemene zin iets bedoeld als ‘volk’ (dat wat door gebruiken en gewoonten bij elkaar hoort, het kan dus ook om een familie of een sociale klasse gaan). In het Grieks heeft het woord al bij Plato een wat negatieve betekenis, vergelijkbaar met ons woord ‘buitenlander’ dat ook niet zelden een negatieve bijbetekenis heeft.
    In de bijbel worden met de woorden goi en ethne doorgaans de niet-Israëlitische volken aangeduid. De meest letterlijke vertaling zou zijn “volk”, terwijl de betekenis vaak is “niet-Jood” en niet zelden is dat negatief bedoeld. Maar een niet-Jood kan prima een vereerder van de God van Israël zijn. Zo iemand is dan weliswaar iemand die behoort tot de volken, zonder dat hij een heiden is in religieuze zin.

    • Dag DS. Saly, bedankt! dat laatste stukje tekst in uw uitleg vanaf “De meest letterlijke vertaling zou zijn” ……. is precies wat ik bedoel. U legt het al heel duidelijk uit, het woord of de woorden die er zouden moeten staan is “volk” of “Niet-Jood” maar heiden is (naar mijn mening) een “te” letterlijke vertaling die ons uitleg geeft over het type mens met zijn gebruiken en riten. Ik vroeg me daardoor dus af of dit woord verkeerd in de bijbel is gezet. Ik zie in heidenen een woord dat aanduid dat het om mensen gaat die niet bidden en goddeloos zijn, ik zie een betekenis en afstamming van de Germaanse volken die niet goed past in de context waarmee Jezus uitleg geeft over hoe je moet bidden. Ik zou in heidenen (bijvoorbeeld) de filistijnen willen noemen en zien. Ook zie ik mezelf als heiden, want ik behoor niet tot het joodse volk, echter als ik Jezus volg ben ik een Christen (geen heiden) en bid ik, Al zou ik voortprevelen omdat ik niet weet hoe ik moet bidden of iets van God verlang, Ik geloof niet dat Jezus bedoelde te zeggen tegen het volk Israel, “Je moet niet bidden als (en nu chargeer ik) “Gert-Jan” of de “Filistijnen” die eindeloos voort prevelen… Tenzij Jezus op mensen doeld uit die volken die bidden tot een andere god in heidense rites. Ik hoop dat ik het zo goed verwoord want ik vind het lastige materie en moeilijk om te begrijpen. Fijn weekend!

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s